Boek van de maand: Heren van Twist—> een extra kort verhaal (deel 1)!

Deze maand is Heren van Twist, boek van de maand. Dat is een goede reden voor iets leuks!

Jasper schrijft een kort verhaal over mijn heldin Edison. Hier komt het eerste hoofdstuk! De rest volgt zsm. Hij is het nog aan het schrijven. Dus vandaag:Vers van de pers:hoofdstuk 1.

Jasper Polane
jasper@quasis.nl
CYBERSTAADT
door Jasper Polane

I. Cyberstaadt

De loodzware voetstappen van de looptank dreunden in een regelmatig tempo, nu en dan onderbroken door de schelle stem die uit de luidspreker schalde:

DE AVONDKLOK IS VAN KRACHT VAN ACHT UUR ’S AVONDS TOT VIER UUR IN DE OCHTEND! BLIJF BINNEN! DE POLITIE BESCHERMT DE DEMOCRATIE! WAAKZAAM EN DIENSTBAAR!

Aan weerskanten van de tank liepen politieagenten in volledige oproeruitrusting, bewapend met halfautomatische wapens. Hier schoot de politie met scherp.

Edison bleef ineengedoken achter het autowrak zitten en wachtte tot de zoeklichten haar voorbij waren. Toen haastte ze zich naar de donkere portiek van een winkel. Graffiti op de stalen rolluiken wensten de politie een gewelddadige dood toe. Auto’s in de straat waren slechts uitgebrande wrakken. Van de azuurblauwe en kanariegele neonreclames knipperde slechts een enkele letter.

Roestkleurige plekken op het asfalt lieten zien waar mensen op straat hadden liggen bloeden.
Edison veegde de blonde krullen uit haar gezicht. De paraprojector op haar borst zoemde zachtjes tijdens het opladen. Het zou nog een paar uur duren voordat hij opgeladen zou zijn en tot die tijd kon ze niet terug naar haar thuiswereld duiken. Zolang moest ze uit de schijnwerpers van de politie blijven.
De looptank sloeg een zijstraat in en de agenten volgden hem. Zodra ze uit het zicht waren stak Edison de straat over en ging een brede steeg in. Het schijnsel van de paraprojector baadde het straatje in turquoise licht. Tegen de muren lagen opengereten vuilniszakken, hun papier en plastic uitgekotst over de geplaveide weg. De zure stank van pis en kots hing in de lucht en er klonk geritsel van vluchtend ongedierte.

Misschien geen goed idee om met een felle schijnwerper rond te lopen.

Ze schakelde de paraprojector uit. Het betekende dat ze deze stad pas morgen kon verlaten, maar dat moest dan maar. Nu eerst een schuilplaats zoeken.
Het licht was nog niet uit of er werd schuin boven haar een zaklantaarn aangeknipt. Ze probeerde haar ogen met haar hand af te schermen voor de witte straal.
‘Kijk nou! Een kippetje!’
‘Tok tok tok!’
‘Lekker, lekker kippetje. Zin om een ei te leggen?’
Blijkbaar was niet ál het ongedierte gevlucht. Uit de schaduwen voor haar stapten vier mannen, jongens nog, met felgekleurde hanenkammen, leren jackie’s en gescheurde spijkerbroeken. Een van hen flipte met veel vertoon een vlindermes open en dicht. Nog een jongen liet zich van een balkon vallen en landde achter haar.
Stik, het zou eens niet zo zijn.
‘Kom op, jongens, laat me erlangs,’ zei Edison. ‘Ik heb geen zin in moeilijkheden. Het is al laat.’
‘Schijt aan de avondklok.’ De jongen spuugde op de grond. ‘Wij zijn Stalkers. Wij staan op!’
‘Wij staan récht!’
‘Je bent op ons terrein, kippetje. Je moet tol betalen.’
‘We zijn met vijf, dat past precies.’ De jongens grinnikten.
Zucht, vooruit dan maar weer. Edison sprong in actie. Een goedgerichte trap in het kruis schakelde de voorste uit. Hij liet zijn vouwmes vallen. Ze pakte het en sprong naar achter. De jongen naast haar greep mis en verloor zijn evenwicht. Ze trapte tegen zijn knie. Een schreeuw en hij was neer.
Edison flipte het vlindermes een paar keer. De drie jongens die nog stonden cirkelden om haar heen. Een van hen knipte een knipmes open en nam een dreigende houding aan.
Edison draaide naar hem toe en liet het mes nonchalant van de ene hand naar de ander buitelen. ‘Jongen, wat denk je nou? Ik heb zeker tien jaar meer ervaring met messen dan jij.’
De jongen met het knipmes aarzelde even, lang genoeg zodat Edison actie kon ondernemen. Een sprong bracht haar naast hem, buiten bereik van zijn mes. Voordat hij zich om kon draaien greep ze zijn arm. Ze plantte haar laars in zijn maag. Kuchend stortte hij op de grond en liet zijn mes vallen. Een elleboogstoot schakelde de volgende uit. Een lage trap handelde de laatste af.
Links van haar werd een putdeksel opgetild. Eronder was een zuurstokroze kleur te zien. Een vrouwenstem zei: ‘Hé, zus! Hierzo! Vlug, voordat de koppers komen!’
Meteen scheen een verblindend wit licht de steeg in.
HALT! LAAT JULLIE WAPENS VALLEN! LEG JE HANDEN IN JE NEK EN GA TEGEN DE MUUR STAAN!
‘Drek! De koppers!’ De bendeleden krabbelden op en vluchtten halsoverkop de steeg uit.
Edison aarzelde geen moment en rende naar de putdeksel.

*binnenkort meer*

Advertenties