Boek van de maand : Januari 2018 : Beet

0

Interview met Marc Kerkhofs
Eerst en vooral bedankt voor deze opportuniteit. Je krijgt niet elke dag een podium om je boek in de kijker te zetten. Mezelf exposeer ik niet zo graag (zo interessant vind ik mezelf niet), maar ik begrijp dat sommige mensen misschien nieuwsgierig zijn naar de mens achter de schrijver (zij hij hoogdravend …)
Iets over mezelf:
Ik ben geboren in 1964 in Dilsen, een Belgisch Limburgse gemeente aan de Maas, grenzend aan Nederland, dus. Op mijn 14de ging ik in de leer bij een slager en werkte 11 jaar in de vleesindustrie. Daarna verhuisde ik naar Antwerpen, waar ik stomweg in een autowasstraat terechtkwam. Daar bleef ik werken tot mijn 50ste, totdat mijn rug besloot dat het genoeg was geweest. Tussendoor schoolde ik me bij als pc-technicus. De rode draad doorheen dit alles was en is echter het schrijven. Ik schrijf al van sinds ik in staat was mijn eigen naam te spellen. Rond mijn 50ste volgde ik een schrijfcursus bij Schrijfatelier Alicia, die me aanmoedigde om door te gaan. Wie me echter echt op het schrijverspad geschopt heeft is mijn vrouw, zonder haar geen schrijver, simpel. Ik deed mee aan schrijfwedstrijden, won een eerste en een tweede prijs en nu zit ik hier vragen te beantwoorden naar aanleiding van mijn tweede boek. In the picture staan interesseert me niet. Dat mensen hetgeen ik schrijf graag lezen en waarderen, des te meer. Kunnen leven van het schrijven een stille droom.
Hoe kwam je op het idee?

Het idee voor BEET kwam vanzelf aangewaaid. Nadat ik wegens dringende medische redenen werd ontslagen uit de carwash waar ik meer dan 20 jaar werkte, zat ik me wat verweesd achter mijn computer af te vragen wat ik nu met de rest van mijn leven aan moest. Dat klinkt zwaarder dan het was, maar kom … Ik mijmerde over de vele eenzame avonden dat ik reparaties uitvoerde aan de carwashinstallatie en schreef erover, als een soort memoires. Het wat als principe kwam al gauw om de hoek kijken. Stel dat je daar op een avond een vreemd beest tegenkwam … Het perspectief veranderde van de eerste persoon TT naar de derde persoon VT en samen met mijn hoofdpersonage verbaasde ik me over zijn lotgevallen.

Zijn de personages naar iemand vernoemd?

Geen enkel personage is naar iemand vernoemd of is gebaseerd op één bestaand persoon. De familienaam van het hoofdpersonage, Seunens, verwijst vaagweg naar “seut”, wat Vlaams is voor een brave sukkel. Ik vond die naam wel bij hem passen. De karakters zijn samenraapsels, geboetseerd uit verschillende karaktertrekken van mensen die ik ken en verzin. Ik waakte er wel over ze niet te karikaturiseren.

Waar gaat het over?

Waar het eigenlijk over gaat zijn de beweegredenen van mensen. Waarom doet iemand wat hij of zij doet? Wat zijn de motieven, de diepere beweegredenen? Hoe reageert iemand in een bepaalde situatie? De lezer kan zichzelf afvragen hoe hij of zij zou reageren en zich vervolgens ergeren of verwonderen over de reactie van de mensen in het boek. Het is een vertelling, een verhaal, met de bedoeling de lezer enkele aangename uren te bezorgen. Het vreemde beest is een metafoor voor de vreemde veranderingen die de personages ondergaan.

Heeft het boek een boodschap?

De enige boodschappen die ik relevant vind zijn degene die op mijn lijstje staan als ik naar de supermarkt ga … Nee, serieus: Mijn boek is fictie, amusement. Ik heb niet de pretentie er een boodschap in te steken. Als je er al een boodschap achter wil zoeken dan is het: oordeel niet te snel over anderen. 

Waarom deze (mooie)cover, is het een scene uit het boek?

De cover komt vooral uit de koker van de vormgeefster Jen Minkman bij Godijn Publishing, die trouwens alle tien de covers van BOEK10 heeft vormgegeven. Elly (Godijn – uitgeefster) was er direct laaiend enthousiast over. De jongen met de bezwerende blik kijkt de lezer aan, alsof hij hem wil waarschuwen voor het onbekende, maar speelt geen centrale rol in het verhaal. Het beest is groen, vandaar de overheersende groenen kleur; De auto met de hogedruklans en de bebloede hand komen wel degelijk in het verhaal voor. Het is een teaser, hè. Jij noemt hem mooi: doel bereikt, dus.

Waar vindt je inspiratie?

Ik ben niet het type schrijver die voor zijn scherm gaat zitten wachten op een bezoeking van de muze. Ik schrijf, probeer een gemiddelde van 1500 woorden te voltooien, om ze daarna te wikken en wegen, te gebruiken of te deleten. Het gewone leven is inspirerend genoeg, je hoeft er maar een kleine draai aan te geven om het ongewoon? intrigerend te maken …

Je andere boeken?

Eerder dit jaar gaf ik Verloren Tijd uit bij Boekscout. Geen thriller, maar een roman over een man die na een hele tijd terug on speaking terms komt met zijn broer na het overlijden van hun vader. Naarmate het verhaal vordert ontdekt de protagonist dat zijn leven in feite een leugen is en dat zijn vader heel iemand anders was dan hij altijd gedacht had. Het is niet autobiografisch en ik heb er geen innerlijke demonen mee bestreden. Het is fictie, ook alweer met de bedoeling om de lezer enkele ontspannende uren te bezorgen. Spijt, verwaarlozing, het instituut “huwelijk” komen aan bod. Wat dat betreft is het maatschappelijk een beetje relevant, misschien.

En of je nog ideeën hebt voor meer boeken?

Op mijn pc staan nog enkele manuscripten en momenteel ben ik bezig aan een misdaadroman, waarin twee tegen hun pensioen aan hikkende politiemannen een zaak moeten oplossen. Ik ga er niet teveel over uitweiden, het schijnt dat dat ongeluk brengt (knipoog).

kerkhofs.marc@telenet.be

Advertenties

Boek van de maand : Het Carillon

0

​Superleuk om weer boek van de maand te zijn. Ik zal mezelf nog even kort voorstellen. Mijn naam is Mark van Dijk en ik ben een fervent boekenliefhebber. Ik lees ze, schrijf ze en verzamel ze. Mijn bibliotheek bestaat uit iets meer dan 1000 gesigneerde boeken (1e druk) en nog zo’n 1500 leesexemplaren. Mijn meest bijzondere boeken zijn een Britse eerste druk van A Christmas Carol, van Charles Dickens en een Franse eerste druk van Le Comte de Monte Cristo (De Graaf van Monte Cristo), geschreven door Alexandre Dumas. Beide zijn mijn lievelingsboeken. Ik mis alleen nog Schateiland, van Stevenson, dan is de heilige drie-eenheid compleet. Qua schrijven ben ik momenteel druk met het herschrijven van Kwade Geest, mijn eerste boek, dat begin volgend jaar opnieuw verschijnt bij Nimisa Publishing House en ik ben nogal druk met de vertalingen van Dickens’ kerstboeken 

Inmiddels is het zeven jaar geleden dat ik met het vertalen van de vijf Kerstboeken van Charles Dickens ben begonnen. Vorig jaar is eindelijk Een Kerstlied verschenen en twee weken geleden het tweede deel, Het Carillon. De komende drie jaar zal er iedere novembermaand nog een nieuw deel verschijnen, tot de serie compleet is en alle Dickens’ Christmas Books, zoals ze de afgelopen 150 jaar liefkozend genoemd werden, opnieuw vertaald en geïllustreerd zijn.

Het tweede verhaal, dat Het Carillon heet, is de vertaling van het in 1844 verschenen The Chimes. In dit verhaal, dat minder bekend is dan A Christmas Carol, volgen we het leven van de teleurgestelde Trotty Veck, een arme kruier in Victoriaans Londen. Trotty is zijn geloof in de mensheid verloren en denkt dat de oorzaak van zijn armoede in zijn onwaardigheid ligt. Als hij op Oudejaarsavond een ongeluk krijgt, wordt hij vergezeld door Goblins, die hem het meenemen langs het zware en soms oneerlijke leven van zijn dochter. De loodzware en onmogelijke keuzes die op haar pad komen, dreigen de jonge weduwe en haar baby teveel te worden, waarna ze ten einde raad nog maar één uitweg ziet. De tragische levensloop van zijn dochter laat Trotty inzien dat niemand slecht wordt geboren, maar dat onrecht en armoede een bepaalde wanhoop kunnen aanwakkeren, waar niet tegen te vechten is. Het is niet alleen een verhaal over hoop en inzicht, maar vooral over onvoorwaardelijke liefde.
Door de vele politieke verwijzingen en verouderde gezegden ging het vertaalproces van dit boek lang niet zo gemakkelijk als het vertalen van Een Kerstlied was gegaan. Het viel niet mee om de juiste toon vast te houden en tegelijk de tekst prettig leesbaar te houden, zodat de sfeer en de authenticiteit bewaard zouden blijven. Gelukkig is dit uiteindelijk wel gelukt, maar het was hard werken. Doordat je zo intensief met een tekst bezig bent, kan het verhaal je ook op een gegeven moment gaan tegenstaan. Maar ik moet eerlijk bekennen dat hoe vaker ik het verhaal las, hoe meer ik ervan ging houden. Het werd zelfs, op Een Kerstlied na, mijn favoriete Dickensvertelling. Het is zo’n beladen verhaal, waarin zoveel gebeurd en Trotty Veck is zo’n sympathiek personage, dat ik hoop dat u dit verhaal, na het gelezen te hebben, nog eens opnieuw wilt lezen. U zult allerlei subtiliteiten opmerken, die u de eerste keer over het hoofd hebt gezien, waardoor het verhaal over de grenzeloze vaderliefde van Trotty Veck zich in uw hart zal nestelen, net zoals het dat bij mij heeft gedaan.

Boek van de maand November 2017 : Alpengloed

0

              Alpengloed- Eva Linden

Op zaterdag 2 december verschijnt de YA/fantasyroman ‘Alpengloed’, het tweede deel van de ‘Maanziek’-reeks.

Het boek zal te koop zijn via Facebook: Klik hier

via de uitgeverij: Klik hier

via Bol: Klik hier

of via de boekhandel.

 

Het verhaal begint een paar weken na het einde van het eerste boek ‘Maanziek’ (november 2016), waarin Mathis kennismaakte met de wereld van lucide dromen. In ‘Alpengloed’ proberen hoofdpersonages Mathis en Mila te ontsnappen uit de droomwereld. Daarin kwamen ze vast te zitten nadat de Yua erin slaagden om Mathis te doden en hem naar de Grijze Zone te sturen. ‘Alpengloed’ is de tweede roman van schrijfster Eva Linden (1992) die in een boerengat in de provincie Antwerpen woont.

 
Vertel eens waarover je boeken gaan en hoe je op het idee bent gekomen?

Het is allemaal begonnen toen ik aan de hogeschool in Mechelen studeerde. Ik schreef altijd al graag, daarom koos ik ervoor om een studie journalistiek te volgen. Het waren drie geweldig boeiende en leuke jaren, ik leerde er nog beter te schrijven en researchen. In het laatste jaar werkten we met alle studenten samen aan een nieuwswebsite waar dagelijks artikels op verschenen. In een van die artikels schreef ik over het fenomeen ‘lucide dromen’, dromen waarin de dromer beseft dat hij aan het slapen is en dat alles wat hij ziet dus niet ‘echt’ is. Ik vond het onderwerp zo boeiend dat ik thuis verderging met researchen en notities nemen. Voor ik het wist had ik wel vijftig bladzijden volgepend. Zo is de bal aan het rollen gegaan.

 

 
Wat gebeurde er nadat je ‘Maanziek’ had geschreven?

De eerste versie van ‘Maanziek’ was klaar in een maand tijd. Ik had het verhaal gewoon voor de lol geschreven, maar toen ik het liet lezen aan vrienden vonden ze dat ik er verder mee moest gaan. Het onderwerp was zo fascinerend dat mijn boek vast succes zou hebben, zeiden ze. Daarom begon ik met herschrijven, mijn personages uitwerken en een hele fictieve wereld te bedenken. Dat hele proces heeft anderhalf jaar in beslag genomen. Je zou wel kunnen zeggen dat ik genoeg tijd heb gehad om me te bedenken (lacht). Daarna moest ik natuurlijk op zoek gaan naar een uitgeverij, wat erg moeilijk is in Vlaanderen en Nederland als je fantasy schrijft. Uiteindelijk besloot ik om het boek zelf uit te geven.

 

 
Hoe was het om je boek zelf uit te geven?

Het heeft me veel bloed, zweet en tranen gekost (lacht). Ik deed alles zelf, van het manuscript redigeren tot het laten drukken, maar ook alle promotie kwam op mijn schouders terecht. Maar uiteindelijk heeft het goed uitgepakt, want ik heb bijna vijfhonderd exemplaren verkocht en dat is best mooi. Ondertussen schreef ik aan ‘Alpengloed’, het vervolg op ‘Maanziek’. Deze keer ging het schrijfproces een heel stuk sneller, doordat de personages en hun fictieve wereld al bestonden. Ik hoefde enkel nog maar het verhaal op zich te bedenken, wat erg vlot ging. Mathis en Mila hebben me daar ook bij geholpen (lacht).

 

 
Mathis en Mila zijn de hoofdpersonages van je boek. Zijn ze gebaseerd op mensen die je kent? Waar haal je je inspiratie vandaan?

Alle personages in mijn boeken zijn gebaseerd op mensen die ik ken. Ik gebruik karaktereigenschappen van vrienden of familie, of van mensen die ik nog maar pas ontmoet heb. Deze giet ik allemaal bij elkaar en zo ontstaat een geheel nieuw personages. Zelfs mijn kat Ainsa heeft een rol gekregen in het boek! Verder haal ik mijn inspiratie uit dromen die ik of anderen hebben. Ik vind het altijd leuk als fans me een berichtje sturen wanneer ze iets grappigs, engs of spannends hebben gedroomd. Die verhalen kan ik gebruiken bij het schrijven. Verder luister ik ook altijd naar muziek tijdens het schrijven, dat helpt me bij de sfeerschepping. Mathis en Mila houden allebei van metal en van progrock, dus tijdens het schrijven staat altijd dat soort muziek op. Voor de titels van mijn twee boeken heb ik trouwens ook muziek gebruikt: ‘Maanziek’ komt van ‘Marooned’, een nummer van Pink Floyd, en ‘Alpengloed’ komt van ‘Alpenglow’, een nummer van Nightwish.

 

 
De titel van je boek komt van een liedje. Wat betekent het eigenlijk?

Alpengloed is de paars-roze gloed die je ’s ochtends en ’s avonds in de bergen ziet. De zon werpt haar eerste of laatste stralen op de bergtoppen, wat die prachtige kleur veroorzaakt. Als fervente reiziger ben ik helemaal verliefd op de bergen, dus de keuze was snel gemaakt.

 

 
Wie heeft de cover ontworpen?

Ik wist perfect hoe de cover er deze keer moest uitzien, jammer genoeg kan ik he-le-maal niet tekenen. Daarom vroeg ik aan mijn zus Jana (link naar site: klik hier….) of zij wilde ontwerpen wat ik in gedachten had. Samen gingen we rond de tafel zitten en maakten een eerste schets.

 

 

Wist je trouwens dat ik model heb gestaan voor Mila? Ik was meteen laaiend enthousiast over het ontwerp!

Daarna werkten we samen met illustratrice Ems Verhaert : (Klik hier )om de puntjes op de i te zetten. Ik moet zeggen dat ik heel trots ben op de cover van Alpengloed, de twee meiden hebben dat fantastisch gedaan!

 
Wanneer en waar kunnen we naar je boekvoorstellingen komen?

Op zaterdag 2 december vanaf 14u30 stel ik mijn boek voor in België, in de Frankenweg in Lier. Het weekend daarna, op zaterdag 9 december vanaf 13u30 ben ik in Nederland, in de Kaap Hoorndreef in Nederland. Iedereen is welkom, maar ik krijg wel graag op voorhand een seintje zodat ik weet hoeveel drankjes en hapjes ik moet voorzien. Jullie kunnen we bereiken via Facebook: Klik hier of via we will shoot: Klik hier!.

We zien je daar!

Lier: Meer informatie

Utrecht: Meer informatie

***Boek van de maand Augustus 2017: Ronny en het grote Spinnenweb***

0

ronny

Ronny en het grote spinnenweb

 

Het boek “Ronny en het grote spinnenweb” gaat over een klein spinnetje Ronny die zowel door zijn negenveertig broertjes en zusjes als zijn klasgenootjes gepest wordt. Met name omdat hij kleiner is dan de anderen. Om toch te laten zien dat hij sterk en daadkrachtig is, en niet zo zwak is als anderen hem zien, bedenkt hij een plan met reusachtige gevolgen. “Ronny en het grote spinnenweb” vond eigenlijk op twee manieren zijn oorsprong. De eerste manier was in 2015 toen mijn zoontje me vroeg een verhaal voor te lezen, maar we door alle boeken heen waren. Ik begon ter plekke verhalen te bedenken, die ik later heb uitgewerkt. De tweede oorsprong is jaren en jaren geleden in Montreal, Duitsland, waar ik als tiener vaak vakantie vierde en waar ook de verhalen “In de mist”, “Bungalow 06” en “Kloostertochten” terug te vinden zijn (respectievelijk in mijn bundels “Een bloedovergoten dageraad” en “In het kille ochtendlicht”). We hielden daar altijd nachtwandelingen en ik herinner me een keer dat ik het donker dwars door een enorme spinnenweb liep. Maar nog meer dan dat: dat de spin me in een cocon leek te willen spinnen. (Ik moest de spinnendraad steeds wegvegen.) Een spin met grootheidswaanzin. Ik denk dat hier de zaad van het verhaaltje is gelegd. Gidion van de Swaluw heeft Ronny met zijn tekeningen echt een hart en ziel gegeven. Zonder hem was dit project nooit gelukt. Hij gaf Ronny een gezicht en creëerde met zijn schetsen een decor waarin het verhaal zich kon afspelen. Voor mezelf was het een uitdaging om een kinderverhaal te schrijven die tegelijkertijd de complexiteit van pesten met zich meebrengt: de gevoelens van machteloosheid, woede, vernedering, inbreuk op je zelfvertrouwen, maar ook het gevoel van wraak dat je op de boosdoeners wil nemen om hun in het ongelijk te stellen. Het was een uitdaging om deze complexiteit weer te geven in een kinderverhaal.

 

Anthonie Holslag

Boek van de maand Juli 2017: Falco en de gestolen Stympha’s (met een leuke actie).

0

falco

Hoe voelt dat om je boek voor het eerst in je handen te kunnen houden?

Iedere bundel, ieder boek is weer speciaal.

Ik heb nu 4 zelfstandige publicaties en ik sta in heel veel bundels, maar iedere keer ben ik weer ondersteboven. Na de zomer komt het jaarboek Ganymedes 2017 uit. Vierde keer op rij dat ik erin sta maar het blijft speciaal. Er komt ook weer een illustratie van mijn goede vriend Gidion van de Swaluw bij dus dat maakt het ook weer een publicatie met een gouden randje. Zo heeft iedere publicatie een verhaal en daardoor een speciaal plekje in mijn hart. De teller staat ondertussen al op 70!

 

Hoe kwam je op het idee voor dit verhaal?

Voor Falco heb ik heel praktisch nagedacht. Over welk deel van de geschiedenis is nog niet heel veel geschreve, maar is wel erg spectaculair? Bijna iedereen kent Herkules of Heracles maar bijna niemand kende het verhaal van de Stympha’s . Toch lenen die moordvogels zich uitstekend voor een verhaal. Ze hebben giftige pijlen, dodelijke stront en ze rijten je hart eruit terwijl je nog leeft: dat vraagt om een spannend verhaal.

 

Hoe kwam je op de namen van de hoofdpersonen, en lijken ze op iemand uit je omgeving?

Dat is wel een leuk verhaal. Ik heb bij de vogelmensen Vogelnamen gebruikt en voor ieder volk namen uit hun cultuur gekozen. Bij de Alkeiden – die natuurlijk niet echt bestaan – heb ik Germaanse namen gekozen. Wat is daar zo leuk aan: bij ieder onderzoek kwam ik JK Rowling tegen. Juist als ik dacht: dit is geweldig én origineel, dan dacht ik: ik ken dit ergens van. En dan herinner ik me dat zij het al gebruikt heeft. Hierdoor weet ik dat ook zij gewoon op zoek is gegaan door het internet en de geschiedenisboeken door te pluizen.

 

Of ze op iemand lijken uit mijn omgeving?

Mijn broer heet Arend en mijn zus Swannetta. En een schrijfvriendin van me heet Raven. Maar daar houdt de vergelijking op. Ik heb alleen hun namen gebruikt. Ze lijken niet op de personages.

 

Hoe ging het schrijfproces in zijn werk (maak je aantekeningen, tabellen of heb je zelfs foto’s in je hoofd, of gebruik je foto’s van internet?

Omdat het mijn eerste lange verhaal was, heb ik gebruik gemaakt van het schema van 12 stappen van storytelling. Hierdoor  krijgt je verhaal een goed begin, middenstuk en einde. De personages kunnen mooi, uitgebreid en ordelijk worden geïntroduceerd en je verhaal blijft altijd keurig bij de rode lijn. Hierdoor verliest je verhaal niet aan vaart en blijft het logisch. Daarba heb ik er Edda’s in verwerkt en andere mythologische verhalen uit andere culturen en natuurlijk heb ik eigentijdse elementen ingepast. Juist omdat ik met een strak schema werkte, paste alles er heel goed in en bleef het leesbaar, ook voor de jonge lezer.

 

Hoe lang schrijf je per dag,en hoelang heb je over dit boek gedaan?

Dat verschilde. Falco is mijn allereerste poging tot schrijven. Tussendoor heb ik veel korte verhalen geschreven die zijn ook allemaal gepubliceerd. Steeds leerde ik bij zodat het verhaal steeds verder kwam. Ik had het idee maar moest leren om het op te schrijven.

 

Wie heeft de cover gemaakt en heeft de cover een betekenis?

Cover heeft een lange geschiedenis. Eerst waren het de vogels van Diana Silver. Dat zijn de Stympha’s zoals ze al schrijvende zijn ontstaan. Zij stuurde me die tekening en ik heb het verhaal daarop aangepast. Veel YA lezers vonden de cover niet spannend genoeg. Toen ik de Bastard Award won, kreeg ik van de uitgever een nieuwe cover. Al mis ik mijn vogels heel erg, ik vind de nieuwe cover beter bij het verhaal passen. Het is nu stoerder.

 

Wat vind jij zelf het leukste van het boek, of wat raakt jezelf het meeste uit je verhaal?

Ik vind Sterna leuk. Haar groei en haar avontuur. En de kinderen in de woestijn, daar ben ik ook nog niet klaar mee…

 

Ben je op pad gegaan en heb je plaatsen bezocht om inspiratie op te doen, zo ja waar heen?

Nee. Als je de kaart bekijkt zie je dat het Noord Amerika is. Kuskoy is een Turks dorp en het IJzige Noorden is de Noordpool. Hier ben ik allemaal nog nooit geweest.

 

Heeft het boek een boodschap?

Ja dat hoort bij epische fantasy. In de leesclub van Hebban merkte ik dat iedereen een andere boodschap zag en dat vind ik prima. Ik denk dat ieder personage groeit en daarmee een eigen boodschap in zich draagt.

Een Boodschap aan je lezers en de leden/volgers van deze site/pagina:

Falco is een avontuur; een roadtrip in een boek. Falco is een heerlijke reis in je hoofd; een zoektocht naar goed en kwaad. Het leuke aan epische fantasy is dat iedereen ervan kan genieten. Jong en oud. Iedereen die me kent van Facebook weet dat ik heel enthousiast ben en ik er echt gelukkig van word als mensen mijn boek lezen. Daarom vind ik het ook zo leuk dat ik hier een code mag plaatsen voor een tijdelijke kortingsactie. Stuur me een pb met de code Tazzy.vogels of Tazzy.oog. De cover met de vogels is inclusief vzk (binnen NL) 14 euro en die met het oog 19 euro ook incl vzk (binnen NL)

**Schijver(s) van de maand: Juli 2017: Johanna Lime**

1

 

 

  • Waarom kiest u voor een bepaald onderwerp?

De onderwerpen die in onze boeken naar voren komen, horen bij de verbeeldingswereld die we in de loop van de tijd hebben bedacht. De personages uit onze boeken kennen wij al langere tijd omdat we over hen sinds 1982 dagboeken hebben geschreven. Marjo schreef dagboeken van bepaalde personages en Dinie schreef dagboeken van andere personages. In onze boeken komt dat bij elkaar. De personages zijn als het ware al dagboekschrijvend gegroeid en ze groeien nog steeds. We hebben werelden voor hen bedacht met koninkrijken die bestaan uit vijf planeten. Werelden waarin goden en godinnen voorkomen die zich in allerlei manifestaties aan de mensen tonen en die de Avatars worden genoemd.

Een belangrijk gegeven is, dat de mensen van Aarde werden verbannen omdat ze voorspellingen deden van natuurrampen die ook echt plaatsvonden. Maar dat boek moeten we ooit nog eens gaan schrijven. De bannelingen van Aarde kwamen op een godenplaneet terecht, op Eibor Risoklany. Meer hierover is te lezen in ons scheppingsverhaal ‘De wording van Chyndyro.’ Dit verhaal is ons eerste korte verhaal van 2012 voor de Paul Harland Prijs en is, na verschillende keren herschrijven en verder uitwerken, nu een e-book op Smashwords. Zes draken scheppen Chyndyro in opdracht van de Avatars.

De vraag ‘Wat als?’ speelt natuurlijk een belangrijke rol voor ons als schrijfsters, want dit is de vraag die je nodig hebt bij fantasyverhalen. We gebruiken onderwerpen uit (bijzonder) nieuws en we verweven al onze interesses in onze boeken. Deze interesses zijn: astrologie, tarot, intuïtieve ontwikkeling, parapsychologie, RPG computergames en bordspellen, astronomie, symboliek, interesse in religies, sff films en dergelijke.

Wat als de Avatars een vloek over het volk uitspreken waardoor de macht die eerst bij vrouwen lag nu bij de mannen terechtkomt, of andersom. Wat krijg je dan voor een wereld? Welke problemen zijn er?

Wat als de magische dynastieën het weer niet met elkaar eens konden worden? Wat gebeurde er nadat Kamilia Arras in ons debuut Schimmenschuw van Chyndyro verdween? Kwam er echt een oorlog en welke gevolgen had die? Weten de magische families van vroeger nog wel dat ze een speciale gave van de goden hebben gekregen? Wat gebeurt er na ruim drie millennia nog met die magie?

Wat gebeurt er als de energie die voor de moderne techniek nodig is uit magie bestaat? Kun je zulke energie wel de baas blijven?

Het eerste deel van trilogie ‘De vergeten vloek’, ‘Sluimerend vuur’, gaat om dit soort vragen. We laten zien wat er in het koninkrijk Laskoro, dat bestaat uit de planeten Laskoro, Chyndyro, Sandyro, Cupiddo en Pseion, gebeurt wanneer de jongste prins zijn vader als koning op zal moeten volgen, in een tijd dat er schermutselingen in de ruimte plaatsvinden. De handelsvloot wordt aangevallen en wie de vijand is blijft lange tijd onbekend. Hoe verdedig je het volk tegen een onzichtbare vijand?

Ons eerste boek, Schimmenschuw, gaat over een meisje dat als enige geesten ziet en op school wordt gezien als een zonderling. Het verhaal is bedacht naast de verhalen uit de dagboeken die we al hadden. We moesten voor een wedstrijd een op zichzelf staand manuscript schrijven. Achteraf is dat goed geweest, want in Schimmenschuw worden de families geïntroduceerd die het belangrijkst zijn voor de werelden waarin de trilogie zich afspeelt. Schimmenschuw is mede geplot met elementen die grotendeels gebaseerd zijn op een computerspel dat we ooit fanatiek hebben gespeeld, maar daarbij moesten we de verhaallijn aanpassen aan het echte leven dat een middeleeuwse setting kreeg omdat het zich in het verleden afspeelt. De magische dynastieën en de soorten magie komen bij ons uit de astrologie waar sprake is van elementen en dynamiek.

 

  • Hebt u het verhaal van de boeken meegemaakt?

Ja, in onze dromen (denk ik). Aangezien we schrijfsters zijn van fantasy, komt het niet vaak voor dat de gebeurtenissen zich werkelijk voordoen. Hoewel er altijd autobiografische elementen in het verhaal sluipen. Kamilia werd op school gepest omdat ze anders was dan anderen. Dat herkennen Marjo en Dinie allebei.

Om over magie te kunnen schrijven, is het nodig om te weten welke natuurkrachten er zijn. Er is onderzoek nodig om te bedenken welk effect spreuken kunnen hebben. Bij fantasy moet het ongeloofwaardige geloofwaardig gemaakt worden. Daar moet je goed over nadenken, want wanneer het niet klopt, verliest de lezer zijn aandacht.

 

  • Schreef u als kind ook al veel verhalen?

Ja, Marjo schreef artikelen voor een geheim clubblaadje. Op haar negende won ze de derde prijs bij een opstellenwedstrijd van school. Van het prijzengeld kon ze een boekje kopen over ‘The Thunderbirds’ en dat was de aanleiding om te gaan fantaseren over werelden in de ruimte, want als ‘The Thunderbirds’ nu eens niet op een eiland gesitueerd waren maar op andere planeten? Het balletje ging rollen en de wereldbouw was een feit.

Dinie bedacht als kind veel verhalen, maar schreef ze (nog) niet op. Ze dacht er wel vaak over na, vooral toen ze met geschiedenisles op school leerde over alchemie. Ze zocht toen van alles over dit onderwerp op en wist binnen korte tijd al veel over de steen der wijzen en dergelijke. Bij een les in het voortgezet onderwijs werd zijdelings iets over Nostradamus losgelaten. Daar ging Dinie direct over lezen. Ze had ook veel belangstelling voor astronomie en droomde ervan dat te gaan studeren. Maar dat ging niet door. Wel kwam ze de opmerking tegen dat astrologie de moeder is van alle wetenschappen. Vandaar dat ze, samen met Marjo met wie ze in die tijd ook al veel optrok, astrologie ging bestuderen en van het een kwam het ander. Esoterie en psychologie volgden. Populair wetenschappelijk werk vonden we geweldig om te onderzoeken en in die tijd kwamen er op de tv natuurlijk ook series als Star Trek en later kwamen de films van Star Wars in de bioscoop, waardoor onze interesse in science fiction werd gewekt.

De kennis die we hebben opgedaan, speelt mee bij het bedenken van verhalen. Er is een bepaalde mate van kennis nodig om verder op door te fantaseren.

 

  • Hebt U zelf ook kinderen en vinden die het leuk dat U een boek hebt geschreven?

Wij hebben ervoor gekozen om als twee vrouwen samen te wonen en we hebben daarom geen kinderen. Het gezin waar Dinie deel van uitmaakte was op haar na overleden toen we serieus begonnen aan het schrijven van romans. Marjo’s jongste broer was ook al te vroeg gestorven. We denken dat Dinie’s ouders en haar broers en zus het erg leuk hadden gevonden wanneer ze hadden geweten dat ze ooit een boek zou schrijven. Marjo’s ouders zijn te oud om het echt goed te lezen, haar broer vindt het erg leuk. Hopelijk gaat neefje Charly de boeken ooit nog eens lezen, wanneer hij wat ouder is.

 

  • Maakt u de kaften zelf?

De kaften voor de e-books met korte verhalen die op Smashwords staan, maakt Marjo zelf.

De kaften van de romans worden bepaald door uitgeverij Zilverbron. Wij hebben wel suggesties aangereikt en de draak met de ruimte erachter zoals die Sluimerend vuur staat aan de uitgever voorgesteld, maar hij is toch nog iets anders geworden. We vinden de omslagen die Zilverbron voor ons maakt erg mooi.

 

  • Hebt u naast het schrijven nog een andere baan?

Nee, Dinie is op 1 september 2016 met pensioen gegaan en Marjo is al gauw daarna met vroegpensioen gegaan omdat het vinden van een nieuwe baan op haar leeftijd niet meer lukte. Sindsdien hebben we wel meer tijd voor schrijven dan in de tijd dat we beiden werkten, maar het is een uitdaging om ook echt de uren vrij te houden en daadwerkelijk aan de slag te gaan. Op het moment hebben we veel andere verplichtingen, zoals de mantelzorg aan Marjo’s ouders.

 

  • Denkt u dat u rijk wordt van schrijven?

Die hoop hadden we wel. Er verschenen verhalen over hoe rijk J.K. Rowling geworden was doordat ze Harry Potter schreef en we dachten dat het ons ook wel zou lukken, want onze verhalen zijn heel erg de moeite waard. Maar schrijven is een vak dat je met veel vallen en opstaan moet leren. Wanneer je een manuscript hebt, is het heel duur om je verhaal uit te geven in een heus boek. In Nederland is het voor ons godsonmogelijk gebleken om een goede traditionele uitgever te vinden voor een fantasyboek. Gelukkig is Zilverspoor er ook nog!

Je wordt niet rijk van schrijven. Je hebt alleen wel de voldoening dat het boek waar jij de auteur van bent in de bibliotheek op de boekenlijst staat en dat het te koop is voor wie dat wil. Verder moet je maar denken dat het een uit de hand gelopen hobby is. Een hobby kost immers altijd geld? Dat is bij schrijven ook zo. Misschien wordt het beter als we in de toekomst meer boeken op de markt krijgen.

We zijn er wel rijk van geworden wanneer je bedenkt dat we altijd al onze verhalen wilden openbaren aan de wereld om ons heen, dat dit ook werkelijk gebeurd is en nog steeds gebeurt. We willen graag dat lezers even uit de waan van alledag kunnen vluchten en in onze verbeeldingswereld vertoeven. Dat maakt het mooi, vooral wanneer ze ons vertellen via recensies of berichtjes wat ze ervan vonden. We snappen wel dat niet iedereen dezelfde smaak heeft, maar zijn erg blij als we gelijkgestemde zielen vinden die ons werk kunnen waarderen.

 

  • Wat ligt er op uw nachtkastje?

Dinie heeft geen nachtkastje. Onder haar hoofdkussen liggen een paar puzzelboekjes, waar ze voor het slapengaan even in puzzelt. Dat blijkt voor haar één van de manieren te zijn om in slaap te komen. Lezen doet ze meestal wanneer ze overdag een uurtje of zo niets anders te doen heeft.

Marjo heeft altijd een leesboek op de kast naast haar bed liggen, want ze doet mee aan de jaarlijkse leesuitdaging van Goodreads en/of Hebban. Op het moment ligt ‘Bloedengel’ van Roselynd Randolph daar, een heel spannend boek met een intrigerend thema. Marjo leest heel veel boeken die ze op Elfia, Keltfest, Castlefest en dergelijke evenementen heeft gekocht, veel ervan zijn van Zilverspoor. Wie denkt dat er geen goede Nederlandstalige fantasy, science fiction of horrorauteurs zijn, moet die boeken echt maar eens gaan lezen. Marjo vindt deze boeken echt heel goed en ze heeft heus wel vergelijkingsmateriaal. Het vooroordeel dat Nederlandse fantasy niets voorstelt moet nu maar eens overboord gegooid worden. Wat is er beter dan in je moedertaal te lezen?

 

  • Waar en wanneer schrijft u en hoeveel uur per week?

We schrijven in de woonkamer waar we achter onze laptops zitten. Soms komt er weinig van en is het een kwartier per dag, dat is vooral wanneer er veel zorgen zijn en onze aandacht nodig is bij problemen met de gezondheid van familieleden. Maar als we echt onze aandacht goed bij het schrijven kunnen houden, is het vaak vijf of meer uur per dag. De maanden van de NaNoWriMo (april, juli en november) zijn een fijne stok achter de deur om intensief aan schrijfprojecten te werken en ook de redactie van een roman geeft een heerlijk drukke tijd. Ook de verschillende korte verhalenwedstrijden met hun deadlines geven een extra prikkel. Wanneer er inspiratie nodig is en een brainstorm voor een kort verhaal of wanneer er nog veel geplot moet worden aan een roman, is het even wat lastiger om tot schrijven te komen.

 

  • Wat zijn uw hobby’s?

Dinie puzzelt graag (sudoku, tectonics, cryptogramman, breinbrekers) en houdt van computerspelletjes.

Marjo tekent op de computer en bewerkt foto’s.

Samen schrijven we en kijken we graag naar dvd’s.

 

Meer over Johanna Lime:

Websites: https://johannalime.wordpress.com/ ; https://schimmenschuw.wordpress.com/ ; https://devergetenvloek.wordpress.com/

Smashwords voor e-books of pdf van korte verhalen: https://www.smashwords.com/profile/view/JohannaLime2

Facebook: https://www.facebook.com/johannalime2/

Johanna Lime boeken in de online winkel van Zilverspoor:

https://www.artbooksshop.com/search/?search=Johanna+Lime

 

**Winnen: Jen Minkman & Arwen Mannens pakketjes**

9

jenarwen

****Winnen****
Jen Minkman vs Arwen Mannens

 

Wat zit er in de pakketjes?

Jen: *Zelfgemaakte bladwijzer- Gesigneerd door Jen. * Een prachtige kaart.* Een houten ornament met een positieve tekst ( Past bij de jongen van het woud).

Arwen: * Gesigneerde sleutelhanger.*gesigneerde bladwijzer.* Notitieblokje 3d.* En een prachtige pen met haar boeken erop.

 

Wat moet je doen om kans te maken?

Je hoeft alleen maar een leuke vraag aan Jen en/of Arwen te stellen en je doet al mee……( laat je vraag achter in het commentaar, hieronder het bericht op mijn blog/ of bij het winbericht mijn facebookpagina: ik hou van horror, fantasy en spannende boeken).

Deze prijsvraag laat ik lopen tot einde van de maand. 30 april 2017 sluit de pot en dan maak ik bekend wie er gewonnen heeft na 16.00 uur.