(Gast)recensie: Johan Klein Haneveld over Ton den Dekker- Sleutel van het universum

Gast-Recensie

Sleutel van het universum – Ton den Dekker

Science fiction van Nederlandse bodem is nog steeds een relatief zeldzaam voorkomend verschijnsel en dat alleen al is reden om enthousiast te zijn over deze boeken van Ton den Dekker. Flinke pillen, die hij ook nog eens in eigen beheer uitbrengt. Ik heb begrepen dat in 2018 deel vier van de serie zou moeten uitkomen. Het enthousiasme van de auteur voor zijn verzonnen verhaalwereld moge daaruit wel duidelijk zijn, net als zijn doorzettingsvermogen.
Dit is het derde deel van de reeks, waarvan ik de eerste twee delen ook heb gerecenseerd. Lezers die de eerste twee delen niet hebben gelezen, raad ik af om met dit deel te beginnen. Als je de eerste twee delen wel hebt gelezen zal het logisch zijn ook dit deel aan te schaffen. Maar een waarschuwing is op zijn plaats: ik vond dit derde deel minder interessant dan het tweede en vooral het eerste deel. Je moet echt behoorlijk geïnteresseerd zijn in het verhaal van de familie Ayton om ook hiervan te kunnen genieten. Ikzelf geef het drie sterren in plaats van de vier die ik aan de eerste twee delen gaf.
Voor mij is drie sterren nog steeds voldoende. Den Dekker’s schrijfstijl bevalt me wel. Goede afwisseling in zinslengte en opbouw, natuurlijk klinkende dialogen, af en toe wat humor. Geen storende taalfouten of grammaticale missers. Ik kwam in dit boek wat d/t-fouten tegen, maar dat was het enige (vooral voor een zelf gepubliceerd boek een compliment waard). Als Den Dekker zich aan actiescènes waagt blijkt hij daar talent voor te hebben. Deze passages zijn altijd spannend, met een gruwelijk randje. Dat mag ik wel.
Ik meende in dit deel bovendien op te merken dat de auteur als schrijver gegroeid was. De dialogen waren minder uitvoerig dan in het eerste deel. Daar had ik het idee dat elk woord dat mensen uitspreken werd weergegeven, ook als dat voor het verhaal niet nodig was. Hier waren de dialogen meer gestroomlijnd. Ook kwam ik niet meer zoveel storende uitwijdingen tegen over de geschiedenis en de technologie van de Aytons. Deels omdat de meeste details al in de eerdere boeken voorbij waren gekomen, maar ook omdat meer informatie middels dialogen en gebeurtenissen werd overgedragen. Dat zorgde voor een prettigere leeservaring.
Waarin deze verhalen uitblinken is de wereldopbouw. De toekomstige wereld van Gaul is tot in detail uitgedacht en is ook nog eens overtuigend. Ik genoot van dit aspect van deze verhalen, ook hier weer. En als bonus krijgen we in dit deel ook nog eens niet alleen beschrijvingen van andere planeten, maar ook een tijdreis naar het Rotterdam van 2024.
Mijn belangrijkste kanttekeningen bij dit boek zijn in de eerste plaats dat dit een tussenroman is. Er gebeurde relatief weinig en twee verhaallijnen die belangrijk zijn, hebben relatief weinig met elkaar te maken. Middels dromen van een van de karakters wordt gesuggereerd dat er heel veel mis kan gaan, maar uit het verhaal blijkt dat niet. Alleen het deel in het Rotterdam van 2024 was echt spannend. Dit komt mede doordat de kant van de hoofdpersonen veel machtiger is dan die van hun tegenstanders. Dit leidt tot het vreemde effect dat je als lezer op de hand gaat zijn van de ‘slechten’ – en ze zijn ook heel slecht, met aanrandingen en martelingen en aanslagen. De familie Ayton, die we volgen, heeft intelligente ruimteschepen, poorten waarmee ze door ruimte en tijd kunnen reizen, machtige robots (die ook de toekomst kunnen voorspellen), een vorm van meditatieve dans waarmee ze bijna alles kunnen (zoals de tijd bijna stilzetten), verborgen bases en ga zo maar door. Het misdaadimperium dat hen bedreigt beschikt eigenlijk alleen maar over de kroontechniek (die ooit van de Aytons is gestolen) en doet verder in alles voor de Aytons onder. Omdat je als lezer toch bijna automatisch voor de ‘underdog’ bent, zoals in het verhaal van David en Goliath, en bijna elk sprookje (en Star Wars), begin je hier te hopen dat het Consortium de bovenhand behaalt. De Aytons geven ook nog eens niet het idee dat het ze moeite kost. Zelfs als een van hen in vermomming door de vijand gevangen wordt gehouden bestaat er eigenlijk geen twijfel of ze alles onder controle heeft. Ik denk dat de schrijver zich heeft laten meeslepen door zijn enthousiasme over zijn wereld en de Aytons en dat hij pas daarna heeft bedacht dat hij een vorm van conflict moest introduceren. Dat het Consortium op de tweede plek kwam, en voor hem ook minder belangrijk is dan het laten zien van de glorieuze toekomst die de Aytons mogelijk maken. Maar daardoor is het evenwicht van het verhaal zoek. Ik vond dat jammer.
Tenslotte leunt dit boek wel heel veel op ‘magische technologie’ van poorten door ruimte en tijd tot meditatieve dans van patronen waardoor iemand zelfs van een man in een vrouw kan veranderen. Het verstoorde voor mij in elk geval de ‘suspension of disbelief’. Het verhaal is hierdoor meer fantasy dan science fiction geworden. Meer dan het in het eerste deel was – daar was het nog een beetje geloofwaardig.
Kortom, wat mij betreft gemengde gevoelens over dit boek, maar het leest vlot en de wereldopbouw is boeiend. Dus voor wie enthousiast was over deel 1 en 2 toch wel een aanrader.

Johan Klein Haneveld

Advertenties

Gast recensie: Ans Stier over Owan Drake- de zaden der hoop 1

Recensie De Zaden der Hoop boek 1 – Owan Drake

Samenvatting
Xavier krijgt de opdracht van zijn leermeester en wijsgeer Benedictus om een serie boeken te lezen over licht en duisternis. Hij gaat helemaal op in deze verhalen.
Maar wat Xavier niet weet, is dat hij door het verzoek van Benedictus op te volgen misschien wel een corrupte tak van de regering, genaamd de Bloedraven – die ook in die vertellingen uit het verleden voorkomen – kwaad gemaakt heeft en hierdoor betrokken wordt bij een oude oorlog.

Leeservaring
Omdat het boek vele goede recensies heeft werd ik nieuwsgierig naar het verhaal en het werk van deze auteur. Helaas moet ik constateren dat dit boek mij niet heeft kunnen pakken. Er komen veel personages in voor die naar mijn idee beter uitgewerkt hadden kunnen worden. Ook kan ik mij niet zo goed een voorstelling maken van de omgeving waarin het verhaal zich afspeelt. Dit samen maakt dat ik me niet goed in het verhaal kan inleven en er dus ook moeite mee had om geconcentreerd te blijven. Helaas heb ik me ook gestoord aan het taalgebruik. Er wordt regelmatig vulgair gevloekt en in vrijwel ieder hoofdstuk wordt uit de doeken gedaan dat de personages moeten urineren. Hier heb ik me eerlijk gezegd wel aan gestoord. Hierdoor was mijn concentratie op het verhaal ook minder. Als de auteur in volgende boeken hier minder nadruk op legt leest het waarschijnlijk prettiger weg. Er zijn zeker ingrediënten voor een mooi fantasy verhaal aanwezig maar die hadden wat meer uitgewerkt kunnen worden. Helaas heeft het boek niet aan mijn verwachtingen voldaan.

Gastrecensie: Johan Klein Haneveld over: Mijn naam is Jack- Ton den Dekker

Jack is mijn naam
Ton den Dekker

Ik kreeg de trilogie ‘Vrede van Gaul’ van Tazzy Jeninga om gastrecensies te schrijven voor haar blog. Ik had wel ‘ja’ gezegd, maar ik had het daadwerkelijk lezen van de boeken toch uitgesteld, omdat ik dacht dat het met de kwaliteit abominabel gesteld zou zijn. Immers, dit waren in eigen beheer of via publishing on demand uitgegeven boeken van iemand wiens naam ik nog nooit was tegengekomen in bundels of tijdschriften of in lezers- en schrijversgroepen op het internet. Dan zou het wel niet veel voorstellen, geloofde ik. In mijn recensie van het eerste deel schreef ik al dat ik tot mijn verrassing mijn woorden moest terugnemen. Ik gaf het boek zelfs vier sterren (zij het net aan, een 7,5). Het was een fascinerend SF-verhaal in een toekomstige wereld waar een nieuwe beschaving Europa en een groot deel van Azië heeft ingenomen. Dit land, ‘Gaul’, wordt gekenmerkt door een hoog ontwikkelde technologie in combinatie met spiritualiteit en zorg voor de omgeving. Het lijkt een utopie, maar er zijn schaduwkantjes aan, zo zorgt de angst voor vreemdelingen van de Galliërs dat landen buiten Gaul zich daadwerkelijk tegen hen gaan keren, en is er een familie die in het geheim de koers van de wereld lijkt te bepalen. Hoofdpersoon Detlev blijkt tot deze familie te behoren en moet al snel op de vlucht slaan voor misdadigers van buiten en voor de Gallische wet, en dreigt zijn vrienden en familie mee te sleuren in zijn val. Mijn belangrijkste problemen met het boek waren het wat trage tempo en de overdaad aan verklarende teksten. Dit is een geval waarbij de regel ‘show, don’t tell’ nou wel een keer wat meer mocht worden toegepast. Op deze punten en een zeker melodramatisch toontje in de beschreven relaties na vond ik het boek zeker tot de verbeelding spreken en het tweede deel liet ik dan ook niet zo lang liggen. Dit boek speelt zich af zeven jaar na het eerste. Detlev is onder de naam Jack in dienst van het leger van een buitenaardse satelliet. Zijn geheime familie is aan het organiseren dat hij kan verdwijnen en zijn opleiding kan vervolgen. Maar voor dat kan gebeuren raakt hij in conflict met iemand die hij van vroeger herkent, Diel Nyquist. Bovendien is hij als doedelzakspeler uitgenodigd voor de bruiloft van een vroegere vriend (die niet weet dat Jack eigenlijk Detlev is) waar hij een duet moet zingen met April, een meisje dat op Detlev verliefd was. Complicaties volgen elkaar vanaf dat moment natuurlijk in een hoog tempo op.
Laat ik met de negatieven beginnen. Mijn kleinste kritiekpuntje is dat er een paar redactiefoutjes in staan: een of twee d/t-foutjes, een paar ontbrekende woorden, dat soort dingen. Niet veel en ik zag geen kromme zinnen, storende herhaling van woorden of begrippen of beschrijvingen die niet klopten. Verder valt de schrijver nog steeds in zijn oude valkuil van het teveel willen beschrijven. Verklaringen van gebruiken en achtergronden zijn vaak langer dan een pagina. De wereldbouw had eerder gesuggereerd kunnen worden want al deze details zijn niet nodig voor de ‘suspension of disbelief’. Ik ben sowieso niet heel groot fan van de alwetende verteller die hier gebruikt wordt, waarbij we in ieders gedachten kunnen kijken. Ik leef liever per scene met één persoon mee. Maar het leidt ook tot goedkoop spanning opwekkende zinnen als ‘Hij zou spoedig ontdekken, dat hij zich daarin had vergist …’ Ik vond soms de emoties van karakters wel heel groot uitgemeten (er wordt veel gehuild, vooral door vrouwelijke karakters). Verder was dit wel heel duidelijk een tussenboek. Het verhaal was veel kleinschaliger, in ruimte zowel als in tijd, en er gebeurt veel minder dan in het eerste boek. Hoewel ik aanvankelijk dacht dat het daardoor trager las (ook door alle uitleg) ben ik er uiteindelijk toch vlug doorheen geschoten. De schrijfstijl is, ondanks mijn aantekeningen daarbij, toch plezierig te noemen. Niet hoogdravend, maar passend bij het verhaal dat de schrijver voor ogen stond.
Wat me vergeleken met het eerste deel meeviel was dat de dialogen waren aangescherpt. Ik had veel minder het idee dat gesprekken onnodig volledig waren uitgeschreven met inbegrip van standaard interacties die ervaren schrijvers zouden weglaten. In het eerste boek waren de dialogen daardoor traag, met opvulling die niet veel toevoegde, maar hier waren de gesprekken relevanter en daardoor interessanter. Daar had de schrijver veel van geleerd. Ook vond ik een aantal van de SF-ideeen die in het laatste deel van het boek om de hoek kwamen kijken heel erg boeiend. De bijzondere familie blijkt een grootschalig ideaal te hebben, me toen ik erover las even de adem benam. Ik hou van grote ideeën in mijn verhalen, dus ik kon dit wijdere perspectief wel waarderen. Het maakt me ook heel benieuwd naar het derde deel, waarin we er volgens mij nog veel meer over zullen lezen.
Een laatste opmerking die ik nog wil maken is meer ideologisch. Ik had er in het eerste boek al last van, maar nu nog meer, dat ik de neiging had om voor de slechteriken te zijn. Ik vroeg me al af waarom die zo slecht werden weergegeven, als meedogenloze misdadigers, die het hele zonnestelsel willen vernietigen en niets anders kennen dan haat. Als ze subtieler waren geweest, had ik ze als de ‘goeien’ gezien. Je bent namelijk als lezer meestal geneigd te kiezen voor de zwakkere partij in het verhaal, voor de ‘underdog’, degene die niet al bij aanvang van het verhaal de touwtjes in handen heeft. We zijn voor het verzet in Star Wars, niet voor de Empire, voor de hobbits, niet voor Sauron. De ‘goeden’ in dit verhaal, de familie Ayton, zijn echter hoog verheven boven de vijanden, die gewone mensen zijn als jij en ik. Detlov en zijn familie kunnen tot wel duizend jaar blijven leven, beheersen gevechtstechnieken beter dan ieder ander, hebben een eigen eiland, worden gediend door androïden en ruimteschepen, blijken te beschikken over levensvormen van nanotechnologie die eigenlijk alles kunnen, zelfs in de tijd en door de ruimte reizen, en ze kunnen ook nog eens zonder repercussies in het veiligheidsnetwerk van Gaul binnendringen. Dat maakt ze eigenlijk vanaf het begin de gedoodverfde winnaar en hun vijanden de ‘underdogs’. Ik weet dat de hoofdpersoon de erfenis van zijn familie als een vloek ziet, maar zo werd het niet echt door de schrijver gebracht. Bovendien, als de vijand nu wordt verslagen, is dat omdat die slechts een gewoon mens is, en de familie Ayton gewoon ‘beter’. Alsof de gemodificeerde Khan het wint van kapitein Kirk omdat hij sterker is. Daar had de schrijver wat beter over kunnen nadenken.
Toch ben ik over het algemeen positief over dit boek. Een originele wereld, leuke ideeën en een vlotte schrijfstijl (hoewel met ‘infodumps’) maken dit een welkome toevoeging aan de het nog kleine terrein van de Nederlandstalige sciencefiction.

Johan Klein Haneveld

Gastrecensie van Bianca Brummelhuis : De verrader en zijn zoon van Bryan Denson

0

Het verhaal

Dit is het waargebeurde verhaal van de spion Jim Nicholson. Hij was een hooggeplaatste medewerker van de CIA en heeft meegewerkt aan een aantal belangrijke missies in landen als Roemenië, Thailand en Laos. Op een gegeven moment maakt hij echter een dramatische beslissing, hij besluit dubbelspion te worden en ook met de Russen samen te gaan werken. In 1997 wordt hij echter gepakt en belandt hij in de gevangenis. Daar houdt het verhaal echter niet op..

Wat ik ervan vind

Het is duidelijk dat er jaren van onderzoek aan dit boek vooraf zijn gegaan. De schrijver heeft ook toegang gehad tot documenten waar de gemiddelde burger niet zomaar bij kan.

Dit zorgt ervoor dat het verhaal enorm gedetailleerd is. Aan de ene kant is dit fijn, omdat je er zo precies achter komt wat er gebeurd is en het verhaal er erg levendig van wordt. Aan de andere kant is het ook enigszins vermoeiend. Het boek zit zo volgestopt met informatie dat bijna elke zin wel cruciale informatie bevat. Dit maakt dat het boek niet makkelijk leest. Om de druk op de lezer niet teveel te laten oplopen was het misschien fijner geweest als de schrijver af en toe een sfeerbeeld neer had gezet zonder daarbij meteen met allerlei nieuwe informatie te komen.

Verder is het vooral een verbazingwekkend verhaal. De ware reden achter de handelingen van Jim Nicholson worden nooit echt duidelijk, maar de schrijver heeft zijn best gedaan zo dicht mogelijk bij de waarheid te komen. De karakters van Jim Nicholson en zijn zoon, die ook een belangrijke rol speelt, worden goed neergezet. Moeilijke termen en procedures werden in mijn ogen op begrijpelijke toon uitgelegd, al moet je wel blijven opletten tijdens het lezen.

Dit is een uitermate boeiend verhaal waarvan je je haast niet kunt voorstellen dat het echt gebeurd is. Als lezer krijg je een kijkje in de wereld van de spionage, en vooral ook van de contraspionage. Het boek had iets minder volgepakt mogen zijn met informatie, maar was voor mij zeker het lezen waard.

Gastrecensie van Johan Klein-Haneveld : Aytons Erfenis van Ton den Dekker

0

Gastrecensie: Aytons erfenis van Ton den Dekker

Johan Klein Haneveld

Mijn vooroordeel jegens ‘self publishing’ leidt er soms toe dat ik mooie boeken laat liggen. Mijn redenatie is vaak dat mensen wiens manuscript is afgewezen door een uitgever besluiten het alsnog zelf op de markt te brengen, wat tegenwoordig makkelijker is dan ooit, maar dat een manuscript vaak om een reden wordt afgewezen. Het merendeel van wat bij de uitgever op de ‘slushpile’ ligt is namelijk rommel, lees ik niet alleen op internet, maar hoor ik ook van uitgevers zelf. Als mensen van zichzelf vinden dat ze goed kunnen schrijven, is dat niet altijd werkelijk zo. Dus toen Tazzy Jeninga aan mij de drie boeken van Ton den Dekker overhandigde met de vraag of ik er recensies over wilde schrijven, antwoordde ik wel bevestigend, maar liet ik de delen vervolgens bijna een half jaar ongelezen in de kast staan.
Ik had namelijk geen hooggespannen verwachtingen. De naam van de schrijver had ik nog nooit gehoord, terwijl ik ondertussen de meeste SF-schrijvers van Nederland in elk geval wel van naam ken. Ik had op boekenblogs, facebookgroepen en SF-sites geen recensies gezien, dus het was niet opgepakt door de ‘community’ en het was inderdaad via een online uitgever in eigen beheer uitgegeven. Iemand die in isolement dacht een originele SF-trilogie te hebben geschreven en die per se met de wereld wilde delen. Mijn tijd om te lezen is kostbaar en dus schoof dit boek steeds naar onderen op de leesstapel. Ik had echter beloofd een recensie te zullen schrijven en mijn plichtsbesef begon te kriebelen. Ik pakte dus deel één van de trilogie uit de kast. Aanvankelijk in de contramine begon ik aan het verhaal, maar mijn scepsis werd al snel weggenomen en hoewel dit een behoorlijke pil is, bleef ik tot het einde echt geboeid.
Het verhaal betreft een toekomstige Aardse samenleving, bijna tweeduizend jaar nadat een atoomoorlog een nieuwe ijstijd heeft veroorzaakt. Europa en een deel van Azië heten nu ‘Gaul’, een land met een hoge technologie en een idyllische manier van leven in dorpachtige Commen. De minder ontwikkelde landen elders in de wereld beginnen zich te verzetten tegen de automatische superioriteit van de mensen van Gaul en een misdaadsyndicaat plant een gruwelijke aanslag. Ondertussen ontdekt de jongen Detlev dat hij als baby geadopteerd is. Zijn echte vader is een man van meer dan duizend jaar oud. Hijzelf beschikt ook over een genetisch overgedragen aanpassing die hem een bijna eeuwig leven zal schenken. Om daarmee te leren omgaan moet hij les krijgen van drie vrouwelijke robots. Zijn vader wordt echter gezocht door zowel de terroristen als de politie van Gaul en Detlev zelf is al snel ook op de vlucht. Hij kan niet eens de hulp inroepen van zijn vrienden thuis …
Den Dekker kan behoorlijk goed schrijven. Ik kwam geen kromme zinnen tegen of storende taalfouten (behalve een paar ontbrekende letters) en het ritme in de tekst was vloeiend. In het begin had ik het idee dat er veel zinnen waren van ongeveer dezelfde lengte, maar naar het einde toe viel me dat veel minder op. Den Dekker schrijft niet heel ingewikkeld. Ik moest regelmatig denken aan de jongensboeken die ik als tiener las (Euro 5 bijvoorbeeld) en het feit dat de meeste karakters met wie je meeleeft jongens zijn van zestien, die meisjes nog maar moeilijk te begrijpen vinden en het liefst voetballen of piano spelen, bevestigt die indruk. Er gebeuren echter een paar gruwelijke zaken die het verhaal meer voor volwassenen bedoeld doen lijken, maar de sfeer van een jongensboek verliest het nooit. Ook werden heel veel personages geïntroduceerd die ik aanvankelijk niet zo makkelijk uiteen kon houden, maar uiteindelijk leefde ik met ze allemaal mee. Den Dekker aarzelde ook niet om sympathieke karakters uit het verhaal te verwijderen en dat maakte het echt wel spannend.
Dit boek had zo door een uitgever opgepakt kunnen worden, daar is het echt goed genoeg voor. En door de redactie zou het een stuk beter zijn geworden, want mijn voornaamste minpunt is iets waar een redacteur ook over zou zijn gevallen, namelijk ten eerste de in mijn ogen iets te lange dialogen waar net wat te weinig informatie in werd gegeven (het was wel gezellig, maar het hielp het verhaal niet veel verder) en ten tweede de op bijna elke pagina wel een of twee keer voorkomende uitwijdingen met achtergrondinformatie over de cultuur, geschiedenis en techniek van Gaul. De schrijver wilde heel graag uitleg geven over zijn wereld. Niet heel verwonderlijk, want op zijn website las ik dat de wereld van Gaul is ontstaan toen hij als docent op een middelbare school naar aanleiding van ‘The lord of the rings’ zijn leerlingen vroeg een eigen wereld te verzinnen en daar vervolgens zelf ook aan meedeed. Die wereld heeft hij tot in details uitgewerkt en hij wil dat de lezer daar geen van mist. Ook als het voor het verhaal niet nodig is. Dus allerlei rituelen worden uitgelegd, de volledige geschiedenis en de technische snufjes. Niet dat zijn ideeën niet interessant waren, dat waren ze wel, bijvoorbeeld de ‘skins’ die de mensen in Gaul dragen en de oorsprong van de naam ‘Gaul’, maar het vertraagde het verhaal behoorlijk. ‘Show, don’t tell’ is wel degelijk een zinvolle aanwijzing. Ten slotte ergerde ik me een klein beetje aan de automatische superioriteit van Gaul. Buitenlanders worden ‘xeno’s’ genoemd en de terroristen komen uit Zuid-Amerika en Mexico. Het rook een klein beetje naar xenofobie. Aan het slot werd het genuanceerd en werd het isolationisme van Gaul aan de kaak gesteld, maar in het verhaal ontmoette ik geen sympathieke buitenlander, alleen terroristen en moordenaars. Het evenwicht was in dat opzicht een beetje zoek, vond ik.
Dit kritiekpunt werd weer opgeheven door een paar heel mooie, goed uitgewerkte scenes. Bijvoorbeeld als de robot Lucia het hoofdkwartier van een van de terroristen bezoekt als een engel der wrake. Hier toont Den Dekker een krachtig beeldend talent en een mooie verbeelding. Ook in zijn beschrijving van het ruimtestation en wat daar gebeurt. Verder vond ik dat de schrijver zijn christelijke overtuiging op een aardige manier in het verhaal verwerkt had, zonder prekerig te zijn. Al met al was dat genoeg voor mij om met een voldaan gevoel terug te kijken op dit boek en ik zal niet meer zo lang wachten met het lezen van boek 2 en 3 van deze trilogie. Zo vaak kom je immers geen science fiction tegen van Nederlandse bodem en dit is misschien niet een echte hoogvlieger, maar wel goed voor een paar ontspannen avondjes met een spannend boek.

**Gezocht : Gast Recensenten!!!!

0

**Gast Recensenten gezocht**
Zo nu en dan zal ik een bericht plaatsen, dat ik recensenten zoek. Foto’s van de boeken plaats ik erbij.

Nu heb ik er ook een aantal 😉. 
Wat verwacht ik van je?

-geef een korte motivatie, waarom jij het boek graag zou willen lezen. 

-dat je binnen een maand het boek leest (of we spreken iets anders af).

– je mening deelt in combinatie met een korte samenvatting.

– je de verzendkosten voor de rekening neemt

– je hoeft geen ervaren recensent te zijn

-je mag 1-2 boeken per keer kiezen.
Je recensie stuur je naar mij. Ik plaats hem op mijn facebook groep  ( mag je ook zelf doen) en op mijn blog. Je mag het zelf ook overal delen, via je eigen kanalen. Des te meer, des te mooier. Denk hierbij aan hebban, bruna en bol. Maar ook je eigen blog mag natuurlijk altijd 😁. 
Geef even aan, welk boek, op facebook  via een pb (Tazzy jeninga ) of reageer gewoon op het bericht op de facebookpagina : ik hou van historische leerzame boeken en romans. (Voor thrillers en sf : ik hou van horror fantasy en spannende boeken ), je kunt je alleen op deze manieren inschrijven. Dus niet via mijn blog(s)
Bij veel interesse in een boek ga ik loten 😉.

Gast recensie : Ans Stier over : Scott McEwen – Doelwit Amerika 

0

Voor het blog “ikhouvanhorrorfantasyenspanning” van Tazzy Jening mocht ik een gastrecensie schrijven over het boek “Doelwit Amerika”, waarvoor mijn hartelijke dank.
Recensie Doelwit Amerika – Scott McWen met Thomas Kolonair
Samenvatting
Tjetsjeense terroristen proberen een kernbom van Mexico naar Amerika te smokkelen. Ze gebruiken hiervoor een smokkeltunnel van de drugsmaffia. Als de politie iets op het spoor is en naar de tunnel gaat, gaat het helemaal fout. Na een vuurgevecht ontploft de kernbom. Er gaan geruchten dat er een tweede bom is die Amerika ingesmokkeld gaat worden. Het SEALs team met o.a. Sluipschutter Gil Shannon en een Delta Force team zetten alles op alles om te achterhalen wie er achter deze bommen zit en om diegenen te pakken te krijgen. Vele spannende momenten en veel vuurgevechten zijn hiervan het gevolg.
Leeservaring

In het begin gebeurd er al veel. Je moet dus van begin af aan goed je aandacht erbij houden. Er komen meteen al veel personages en situaties aan bod. Het is fijn dat er boven ieder hoofdstuk een titel staat met waar het zich afspeelt. Hierdoor is het makkelijker schakelen tussen personages, plaatsen en verhaallijnen.

Het boek is een en al actie. Vele vuurgevechten met diverse soorten wapens. Het is goed te merken dat de auteur op de hoogte is ven het reilen en zeilen van de speciale eenheden en de gebruikte wapens bij vriend en vijand.

Het plot is heel realistisch. De dreiging van een terreuraanslag en het gebruik van een kernbom is zeer actueel. Ook de uitwerking van de eenheden die e.e.a. proberen op te lossen is zeer uitgebreid en realistisch neergezet.

Personages zijn omschreven met een klein stukje achtergrond en het uiterlijk dat ze hebben.

Dit boek is onderdeel van de Sniper Elite serie maar is prima als losstaand boek te lezen.
Algemene informatie

Titel: Doelwit Amerika

Auteur: Scott McEwen en Thomas Kolonair

Uitgeverij: Karakter Uitgevers B.V.

ISBN: 9789045212913

Genre: actiethriller