Schrijver van de maand Mei 2019: Anja Maas

Sinds vorig jaar 29 september mag ik mezelf auteur noemen. Op die datum lanceerde ik mijn eerste thriller ‘Maalstroom’. Natuurlijk klopt het niet dat ik toen pas auteur werd, maar zo voel ik dat. Met mijn boek in de handen is het pas echt. Mijn droom is werkelijkheid geworden.

Ik schrijf al veel langer. Als kind kleine gedichtjes, liedjes. Later op de HBS spannende verhalen. Mijn leraar Nederlands was daar niet van gecharmeerd. De opdrachten voor een opstel voerde ik anders uit dan zijn bedoeling was. Elk aangedragen onderwerp wist ik naar mijn hand te zetten. Het een na andere bloedstollende epistel werd afgekraakt en beloond met een grote rode één. Dit droeg niet bij aan mijn wens een carrière als schrijfster te ontwikkelen. Ik vraag me nog steeds af of hij mijn schrijfsels daadwerkelijk naar behoren las. Maar het bloed kruipt…

Nadat ik niet meer werkte en de tijd had om te schrijven, was ik niet achter het toetsenbord weg te slaan. Menige maaltijd werd ’s avonds een broodje of snack. Eenmaal aan het boek begonnen, kon ik niet meer stoppen. Gelukkig had ik begeleiding, want ik had geen idee hoe ik dit moest aanpakken. Een boek is toch iets anders dan een kort verhaal. Het begin was lastig, maar al gauw had ik door hoe het werkte en vond ik mijn weg. Wat heb ik genoten van die nieuwe wereld dat boekschrijven heet.
Het manuscript bood ik aan bij Godijn Publishing. Het Boek10 concept staat me enorm aan. Het geeft beginnende schrijvers een kans.
Na acceptatie werd ‘Maalstroom’ samen met de werken van 9 andere schrijvers gelanceerd op 29 september 2018 in theater Het Park in Hoorn tijdens het SchrijfEvent van Godijn. Wat een belevenis!

Zodra het manuscript de deur uit was naar diverse uitgevers, begon het meteen te kriebelen. Er moest een nieuwe komen, zo snel mogelijk wilde ik eraan beginnen. En zo geschiedde.
Na mijn vakantie in Zuid-Frankrijk, eigenlijk moet ik zeggen tijdens, kwam het idee voor een volgend boek in mijn hoofd op. Een vrouwelijke rechercheur op vakantie in Frankrijk. Met haar moet iets gebeuren.
Zodra ik thuis achter het toetsenbord zat, openbaarde het verhaal zich alsof het al die tijd wachtte op een uitlaatklep. Het stroomde uit mijn brein als een letterwaterval. Binnen zeer korte tijd was de ruwe versie van ‘Onbegrensd’ geboren.

Hoe fijn is het om je hoofdpersonage van alles te laten beleven. Dat gevoel heb ik leren kennen in ‘Maalstroom’. Karin Buitendijk was een vriendin geworden, waarmee ik een avontuur beleefde. Ik moest haar loslaten en aan de lezer geven.
Blij toe dat ik in de krochten van mijn brein Sylvia Pronk tegenkwam. Een heel ander type vrouw, maar zeker intrigerend. Haar leven buiten haar werk gaat niet over rozen. Maar ja, wiens leven wel? Het maakt haar wie ze is.
Ik heb ook Sylvia losgelaten. Maar niet helemaal. In mijn grijze cellen speelt een vervolg. Mijn toetsenbord wacht met smart.

Op 11 mei a.s. wordt ‘Onbegrensd’ gelanceerd tijdens het SchrijfEvent van Boek10 – 2019. Wederom in theater Het Park in Hoorn. Dus nog heel even geduld!

Advertenties

Schrijver van de maand April 2019: Garvin Pouw, blikt vooruit.

Garvin Pouw blikt vooruit.

Een antwoord op de vraag: wat mogen we de komende jaren van Garvin en Valtada verwachten?

Om te beginnen verschijnt op 11 mei de roman ‘Schimmenstorm’, een direct vervolg op mijn debuut ‘Schaduwkoningin’. Dat betekent dat er in een periode van 16 maanden 4 romans door mij zijn uitgebracht, maar ik ben nog lang niet klaar. Wie mij volgt weet dat ik 16 manuscripten op voorraad heb en ik ben nog absoluut niet klaar met mijn publicatiedrift. Op dit moment lopen er twee series naast elkaar: mijn hoofdserie ‘Valtada, De kronieken van Azeria’ en daarnaast ‘De kronieken van de Valta’, een reeks die vooralsnog bestaat uit ‘Schaduwkoningin’ en ‘Schimmenstorm’.

Het eerste boek waar ik mij nu op richt is een derde deel in ‘De kronieken van Azeria’ getiteld: ‘Sporen van het vergetene.’ Dat boek verwacht ik in de loop van volgend jaar uit te brengen. ‘De kronieken van Azeria’ bestaat in totaal uit zes delen. Het is oud werk van me, en ik ga vrolijk verder met publiceren tot ze er alle zes staan.

‘De kronieken van de Valta’ is een ander beestje. ‘Schaduwkoningin’ schreef ik in 2012. ‘Schimmenstorm’ voor driekwart in 2013 en de laatste hoofdstukken in 2018. Een derde deel voor die serie betekent voor mij een geheel nieuw te schrijven boek. Een uitdaging waar ik twee weken geleden mee ben begonnen. Al met al kijk ik dus tegen een negen-boeken-plan aan waarbij ik bijna op de helft ben.

Houdt het daarna dan op?
Nee hoor, ook dan liggen er nog acht vervolgmanuscripten klaar voor iedereen die in Valtada wil blijven vertoeven. Ik probeer de projecten echter voor mijzelf behapbaar te houden, vandaar eerst deze twee series afronden en daarna bekijk ik hoe verder te gaan met de rest.

Voor dit jaar wil ik mij nu eerst wat gaan concentreren op de verkoop. Met Godijn Publishing sta ik op vrijwel alle festivals waar we vorig jaar ook stonden en we doen zelfs wat nieuwe aan! Zo staan we op Keltfest, Rapalje zomerfolk, Fable and fantasy Emmen, Elfia Arcen, Fantasyfest, de Archeon Midwinterfair en Castlefest winter editie. Volgend jaar wil ik graag eens een festival in België uitproberen. Dat was voor dit jaar al de bedoeling, maar de data vielen verkeerd dus volgend jaar beter.

Zo zijn er wel meer plannen die nog niet tot wasdom zijn gekomen. Graag zou ik voor Valtada een webpagina aanmaken, maar ik mis nog iemand in mijn netwerk met de expertise, en mijn eigen relatie tot computerzaken ontaardt nogal snel in vloeken.
Verder staat er nog een ‘Schaduwkoningin’ E-book op de to-do list en ik tinker nog wel eens aan een Engelse vertaling voor dat boek (iets waar ik echt weer eens tijd in moet steken).
Begrijp me niet verkeerd, ik ben prima op mijn plek in de Nederlandse Fantasyniche, maar ik ben mij er ook van bewust dat het een relatief kleine markt is en zal blijven. Internationaal experimenteren is een droom waar wel meer collega’s mee spelen. In mijn optiek zou een Duitse ‘Schaduwkoningin’ niet misstaan, maar aan de andere kant? Laten we proberen de beide beentjes op de grond te houden. Ik ben hier pas 16 maanden, dat negen boekenplan is wellicht al ambitieus genoeg.
Al dat redigeren is leuk, lief en aardig, maar mijn hoofd bruist weer van de schrijfideeën en ik snak naar een uitlaatklep voor nieuw materiaal. De uitdaging voor de komende periode wordt dan ook een zoektocht naar balans tussen redigeren en publiceren voor lezers aan de ene kant, en daarnaast de ruimte vrijmaken voor mijn eigen creatieve ei. Eén ding is zeker: me vervelen is nog lang niet aan de orde!

Schrijver van de maand April 2019: Garvin Pouw blikt terug.

Garvin Pouw blikt terug:

Mijn debuut ‘Schaduwkoningin’ is inmiddels een dik jaar oud en met een vierde boek bij de drukker is het de hoogste tijd om te reflecteren. Toen ik eind 2017 in status werd verheven van een hobbyschrijver naar gepubliceerd auteur, was ik in de meeste opzichten zo groen als gras. Ik was geen grote lezer en nauwelijks bekend met het wereldje van de Nederlandse verbeeldingsliteratuur. Ik keek tegen heel wat mensen op en was vooral apetrots dat mijn manuscript een enthousiaste uitgever had gevonden.

Mijn verwachtingen waren laag. Ik was onzeker over de kwaliteit van en de behoefte aan mijn werk en had niet voor niets mijn verhalen al twintig jaar privé gehouden. Ik wilde vooral een eigen exemplaar met een kaft.
Toch veranderde die bescheidenheid van ambitie snel. ‘Schaduwkoningin’ ging van start met een aantal spetterende recensies, de boekverkoop ging top en een lovende biblionrecensie zorgde voor een dikke bibliotheekbestelling. We deden een heel mediacircus met kranteninterviews en signeersessies. We veroverden een Bastaardnominatie en al snel daarna een nominatie voor de (op dat moment) in mijn ogen prestigieuze Harland award boekprijs voor het fantastisch genre. Wauw! Als je debuut wordt opgenomen in zo’n positieve flow is het best lastig je hoofd nog koel te houden. Ik begon van wilde dingen te dromen. Contracten voor nieuwe boeken werden snel getekend en alles was top!
Helaas bleek heel het Harland verhaal een flop. Op de valreep van het traject stortte die organisatie in elkaar door juryconflicten en visieverschillen. Een proces dat ten koste ging van mij en mijn medeschrijvers, en uiteindelijk van veel meer.
Een eyeopener werd het wel. De wolk waarop ik zat verdween en de begrenzing van mijn bereik kwam duidelijk in beeld.
Ik leerde dat naast het spel van schrijvers en lezers een hele tussenlaag bestond van mensen die liever praten over het ‘genre’ dan dat ze er iets in produceerden. Deze mensen wilden het ‘genre’ graag groter maken, maar het liefst door het te verheffen tot iets wat in mijn optiek geen donder meer met het genre te maken heeft. Haal de F uit fantasy en zet er de onnavolgbare L van literatuur in. Alsof amusement als meerwaarde een vies woord is en ieder boek een revolutionair icoon moet willen zijn. Ons werk werd weggezet als ‘niet ambitieus genoeg’ in een wedstrijd die in zijn omschrijving niet verder ging dan: het verkiezen van het beste Nederlandstalig genreboek. Nou, ze hadden wellicht gelijk, want ik mocht concluderen dat ik ver van die ambities af sta. Ik schrijf mijn fantasyboeken in de eerste plaats voor mijzelf, in de tweede plaats voor die lezers die het willen meelezen en pas in de laatste plaats dat forum van zelfverkozen experts, die menen hun lat te moeten leggen langs werken die die lat niet eens nastreven.
Dit hele avontuur bracht mij in ieder geval terug naar de kern van de zaak en gelukkig ook naar mijn comfortzone. Ik werkte weer verder voor de fantasylezende festivalganger en zij die durven wat verder te kijken dan de standaard ingerichte vertaalplank in de gemiddelde boekhandel. Gelukkig bleef de verkoop gewoon goed doorlopen en de respons bleef in de meeste gevallen ronduit positief en lovend. Eind van de zomer werd ik zelfs nog een derde keer voor iets genomineerd. Ik eindigde tweede in de Hebban ‘beste fantasy’ categorie en moest het enkel afleggen tegen het internationale ‘Nimmernacht’ van Jay Christoff, verre van een schande.

Uiteindelijk ging ik dus verder zoals ik wilde. Ik maakte meer Valtada manuscripten klaar voor het publiek, voorzien van fraaie kaftjes. Ik leerde te accepteren tot hoever een Nederlandstalig genreboek kan reiken en van welke pretentieuze platforms en groepen ik weg moest blijven. Die revolutie van het Nederlandstalige fantasygenre kan mij in het geheel gestolen worden. Schrijven en lezers aan je binden is mij genoeg. En kijk nou toch eens! Schaduwkoningin doet het nog steeds prima. Mijn nieuwe tweeluik is net van start met een dijk van een recensie en ik popel om mijn vierde boek erbij te krijgen op de plank.
Ik weet inmiddels wie iets is en wie slechts iets lijkt, en ik oefen mijzelf in het mij niet teveel te vergelijken met anderen. Om mijzelf in mijn waarde te houden en anderen in hun waarde te laten. Ik ga een jaar in met niet 1 maar vier boeken in de etalage, met plannen te over, maar boven alles, goede zin!

Schrijver van de maand April 2019: Garvin Pouw- Fantasy lifestyle

Garvin Pouw over: Fantasy lifestyle. (Over nerdzaken)

Voor mij is Fantasy altijd meer geweest dan slechts erover schrijven. Ik was ongeveer 17 jaar oud, toen ik een switch maakte van SF naar Fantasy. Voor die tijd was ik fanatiek verzamelaar van Transformer figuren, ik was dol op Startrek en Starwars, en kon heerlijk mijn ei kwijt binnen die franchises. Ik was redactielid en schreef voor de Nederlandse Startrek club ‘the flying Dutch’, en maakte daar zelfs een strip voor. Daarnaast tekende ik transformer fanfiction en vloog op mijn PC rond in een X-wing flightsimulator (Hoewel ik het liefste A-wing vloog).
Eigenlijk was de enige fantasy die in die tijd op mijn pad kwam het lezen van de boeken van Tolkien, maar blijkbaar was dat genoeg om plotseling het roer om te gooien en mijn eigen fantasywereld het leven in te blazen.
De switch van SF naar Fantasy was denk ik symbolisch voor een omwenteling in mijn psyche. Vanaf dat moment deed ik alles meer spiritueel en minder wetenschappelijk/ logica gericht.

Ik besloot emotie te verheffen boven het pragmatische. Ik werd een romanticus die liever tussen madeliefjes zat dan tussen robots en computers. Mijn eerste Valtada stripalbum is een prachtige weergave van die fase.

Het verhaal ging over een technisch hoog ontwikkeld personage dat met haar ruimteschip neerstortte op de middeleeuwse planeet Valtada en daar vriendschap sloot met een wilde krijgster. Gaandeweg die strips viel de SF achtergrond geheel weg, om ruim baan te maken voor de Fantasy wereld van Valtada. Tot op het punt dat het SF personage in het laatste album braaf vertrekt om Valtada zuiver te houden.
Ik was inmiddels 20 en helemaal in de ban van mijn zelfverzonnen wereld. Valtada was boven alles een natuurrijke planeet en ik besloot mijn leven in de echte wereld aan te passen om er zoveel mogelijk inspiratie voor op te doen. Ik koos mijn studieplaats op basis van de bossen in de omgeving ervan en heb heel wat gespijbeld om lange wandeltochten te faciliteren. Ik verruilde mijn Transformers-strips voor uitsluitend Valtadatekeningen en begon op mijn zolderkamertje met een interieurverbouwing om binnendeurs de schijn op te wekken dat ik in een kasteel woonde ipv een standaard westers woonhuis. Ik kocht replica zwaarden (waar ik totaal niet mee om kon gaan) en ging op paardrijden (waar ik ook al geen talent voor had).
Heel wat tijd ging op aan het bouwen van een decor dat de wereld voor mij meer speciaal maakte.

Mijn eerste eigen huis werd een enorm fantasy-bouwproject. In die tijd was het romanschrijven vol in de plaats gekomen van het tekenen, maar ook op andere gebieden verplaatste ik mij altijd richting Fantasy. Ik heb in die jaren heel wat Warcraft gespeeld, een Fantasy game met een heel indrukwekkende verhaalachtergrond. Ik raakte ook bekend met de toen net in opkomst zijnde Fantasy-festivals. Eerst nog samen met mijn vader naar een EFF in het Archeon. Door de LOTR films kwam Fantasy enorm op in festivalvorm en ik ging er overal waar ik kon naartoe. Ik werd fan van bandjes als Omnia, Faun en Rapalje, en zocht hiervan de concerten op. De muziek en de sfeer van dit soort samenkomsten hielpen mij me in andere werelden te wanen en ze brachten mij tussen gelijkgestemde zielen. Dat bereikte een overtreffende trap toen ik het op mijn dertigste aandurfde om aan te sluiten bij een Larpgenootschap.

Bij Larp-Zwolle bracht ik enkele jaren door op vrijwel ieder evenement dat ze organiseerden, maar ik heb ook meegedaan aan de enorme LARPS die net over de grens in Duitsland worden georganiseerd. Ik figureerde en speelde en ik vond het heerlijk om mijzelf uit te dagen tot het spelen van een breed scala aan personages. Gewoon om het acteren te oefenen, maar ook om om mij heen te kijken vanuit andere referentiekaders (iets dat een romanschrijver absoluut niet mistaat).

LARP bleek voor mij een ideale researchvorm voor mijn boeken. Door zelf een weekend lang met je pijl en boog als een sluipmoordenaar door de struiken te dwalen, is absoluut een unieke ervaring. De trots, de adrenaline wanneer je moest ontsnappen… Het Larpen voegde heel wat voor mij toe. Het maakte me vrij op meerdere gebieden.
In die tijd leerde ik ook mede kennen, de eerste alcoholische drank die ik daadwerkelijk lustte. De gevolgen daarvan ga ik hier maar even niet bespreken. 😉
Ook op de Fantasyfestivals ontdekte ik nog steeds nieuwe dingen. Ik ben, geïnspireerd door de workshops daar, op Balfolkles gegaan te Nijmegen, waar ik al dansende mijn vrouw heb ontmoet.

Vanwege alle vreugde in de relatie kwam het Larpen helaas op een lager pitje te staan. De kosten werden te hoog en het gezinsleven maakt niet alles even goed meer mogelijk.
Wat die plaats innam werden de Greenthingz, misschien ken je ze wel? Die groene Goblins die de vuilnis opruimen op Castlefest en dergelijken? Wel, daar sloot ik me bij aan. Ik speelde rollen voor speurtochten en liet me inhuren als entertainment. Leuk, intensief werk, waar ik mijn theatrale ei wel in kwijt kon.

Maar nu? Nu ben ik een publicerend schrijver en zit ik, soms vaker dan mij lief is, achter de PC.
Gamen doe ik al heel lang niet meer, maar de muzieksmaak blijft Fantasy en we plannen onze vakanties altijd richting een sprookjesachtige bestemming.
We wonen in een Fantasyhuis zoals je in de Gelderlander hebt kunnen lezen, en van tijd tot tijd dossen we ons nog steeds uit om lekker gek te doen. Heb je Garvin Pouw weleens opgezocht op You-tube? We hebben heel wat Fantasy gerelateerde videoclips online staan.Als het even kan, doen we nog steeds ieder Fantasyfestival aan waar we kunnen komen. Vaak nu om boeken te verkopen, maar evenwel in Duitsland als bezoekers, gewoon omdat we in het sfeertje thuishoren. Of liever gezegd, daar komen we het dichtste in de buurt bij de fictieve wereld waar we het liefste zijn!

Een artikel over zijn fantasy huis:

https://blendle.com/i/de-stentor—deventer/een-huis-waar-fantasie-tot-leven-komt/bnl-stentordeventerstad-20171027-8859691

Leuke videoclip:

Vlog 1:

Video van omroep Gelderland:

Schrijver van de maand April 2019: Garvin Pouw – over Cover-art

Een boek beoordelen aan de hand van een cover? Ik doe dat zeker wel!
Ik ben een visueel ingesteld persoon,zeer vatbaar voor visuele prikkels. In zelfs de stomste films kijk ik graag nog naar mooie plaatjes. Ik kocht CD’s omdat ik de hoesjes mooi vond zonder ooit de muziek beluisterd te hebben. Yep, ik ben visueel ingesteld.
Nu ben ik van huis uit ook een visualist. Mijn vader was schilder en ook ik blonk snel uit in vakken als tekenen. Vervolgopleidingen in die richting heb ik niet afgemaakt, maar hobbymatig heb ik mijn studententijd gevuld met heel wat kunstzinnige vormgeving, van fantastische interieurs ontwerpen tot het maken van vier full-colour stripalbums ( De eerste Valtada creaties ever). Zelfs toen mijn bloed meer richting het schrijven kroop, bleef illustreren nog lang mijn ding (getuige zijn de vele illustraties op de Valtada facebookpagina). Dus toen het maken van een boekcover ter tafel kwam, toen bestond er geen twijfel over: Ik zou mij zwaar met het proces gaan bemoeien!
Sommige auteurs hebben geen enkel idee over hun cover, ze geven de opdracht aan de vormgever met de titel van hun boek en “Doe maar wat”of “maak er wat van”. Wellicht is dit heel fijn voor een vormgever, omdat je dan volledige creatieve vrijheid hebt en je eigen ideeën de vrije loop kunt laten, maar het kan ook zijn dat je gaat zwemmen, met geen enkel idee of je werk straks wel gewaardeerd wordt. Nou ja, aan mij hadden ze een lastige want ik wist exact wat ik wilde voor iedere cover. Ik had direct een beeld voor ogen en stond voor de uitdaging om de vormgever zo te bewerken dat zij MIJN beeld voor mij gingen maken.
Waarom deed je het dan niet zelf, Garvin? Goede vraag! Ik zou wel willen hoor, maar eerlijk is eerlijk, ik en computers: dat klikt niet. Een van de redenen dat ik stopte met kunstopleidingen was omdat waar mijn talent in handwerk lag, daar het accent verschoof naar computertekenen en die tools mij echt niet aanstonden. Nu zit ik dus met het euvel dat ik wel beelden kan vormen, maar niet de tools heb om dat uit te voeren. Een vormgever die mij aanvoelt is dus een onmisbare schakel.
Voor mijn ideeën van schaduwkoningin was Jen Minkman een schot in de roos. Ik wist heel goed wat ik wilde, kijk maar naar de schets die ik haar stuurde. Ook wist ik dat ik Ingrid den Elzen als model wilde, omdat haar werk voor “Games ‘n stuff” mij al eerder in het oog was gesprongen. Jen bewees mij dat zij op basis van een foto en een schets precies het beeld kon genereren wat ik zocht. Natuurlijk spar je nog wat over en weer, maar het resultaat was alles overtreffend!

Voor mijn tweeluik “De vervloekte roeping”en “Het eerste eiland”, stond mijn beeld eveneens rotsvast. Ik wist dat ik karakters op de covers wilde. Ik heb immers wel wat standaard eisen. Ik wil boeken die de lezer aankijken, ik ben dol op vrouwelijk schoon en ik wil coversdie hun weerslag hebben op de inhoud van een verhaal. Het liefst
dus covers als uitgewerkte illustraties van een scene.

Omdat het tweeluik mooi naast elkaar moest staan, besloot ik de
modellen qua pose te spiegelen. De houding jatte ik direct van een
reclame campagne uit de bushokjes. ( Keira Knightley btw)

De fotoshoot was zoals altijd reuzegezellig. Net als bij schaduwkoningin schoot ik zelf de foto. Met dank aan mijn schoonvader voor het mogen lenen van zijn camera, en zijn oudste dochter ;). Eenmaal in het bezit van de goede modellenfoto’s moest ik Jen nog inspireren tot de juiste achtergrond. Ik stuurde haar daartoe deze twee illustraties en zij combineerde dat tot dit:

Jen bezit dus het fantastische talent om van mijn tekeningen fotografische realiteit te maken. Werkelijk fantastisch.

11 mei verschijnt mijn vierde boek: ‘Schimmenstorm’ Hoewel ik in de Valtada reeks mijn covers voor de komende vier delen al vooruit bedacht had, was ‘Schimmenstorm’ lang een vreemde eend in de bijt.

Ik worstelde tussen drie ideeën, totdat ik scrollend op facebook stuitte op een foto van Esther Groen, een foto die zij had genomen van haar partner Robert-Jan op een manier die ik stylistich heel gaaf vond en waar ik gelijk mijn eigen beeld voor de cover bij kreeg (inspiratie heet zoiets;)) Ik benaderde Esther met de vraag of zij het aandurfde een soortgelijke bewerking toe te passen voor mijn boek, en voor ik het wist stonden we bij Ingrid en ging
er dus een echte fotograaf voor mij aan de slag!
De foto’s uit die shoot waren stuk voor stuk
prachtig en Esther ploeterde nog vele dagen
om het beeld te krijgen naar wat het nu
geworden is: een fantastische weergave van
de wervelingen in de geest van mijn hoofdpersonage.
Jen trok de rest in lijn met ‘Schaduwkoningin’ en wauw,
daar staat er weer één! Een prachtige visualisatie van
mijn wereld.

Intussen is achter de schermen alweer een schets gemaakt voor mijn vijfde boek en ik kijk om mij heen voor modellen voor boek 6 en 7. Ik vind het ontwerpen van deze covers naast het bewerken van de inhoud een vrijwel net zo leuke taak. Ik popel stiekem al voor een nieuwe shoot, reikhalzend uitkijkend naar een nieuw verbluffend resultaat!

Schrijver van de maand Maart 2019: Lieve van den Berg : Fragment

vrijdag 8 maart 2019

Fragment

Vandaag een fragment uit het tweede kinderboek van Lieve van den Berg: De lamp, de sneeuwbol en het kompas. Pol en Polleke zijn op zoek naar Noek, die spoorloos verdwenen is. Noek heeft het Syndroom van Down en gaat het liefst zijn eigen gang. Hij wil van alles uitproberen. Daardoor komt hij in de problemen. Pol en Polleke zorgen ervoor dat alles goed komt met behulp van een lamp, een sneeuwbol en een kompas en niet te vergeten Alba, een reuzenalbatros. Het boek is overal te koop en ook te bestellen bij http://www.godijnpublishing.nl
Het is een vervolg op het eerste deel Reizende poefjes, maar zelfstandig te lezen.
‘Waar is Noek nou weer?’ merkt Pol op. Hij kijkt om zich heen. ‘Noek waar ben je? Kom, kom, kommetje.’

‘Wat zeg je nou?’ vraagt Aladin.’ Komkommertje, dat is toch groente.’

‘Nee, kom kom kommetje. Dat betekent dat hij moet komen. Dat roepen we altijd als je buut vrij kunt doen tijdens het verstoppertje spelen. En weg, weg weggetje als je nog niet tevoorschijn kunt komen.’

‘Interessant,’ zegt Aladin. ‘Zullen we dan allemaal tegelijk roepen, dan hoort hij het vast.’

‘Kom, kom, kommetje, kom kom kommetje,’ klinkt het in koor.

Noek blijft weg.

‘Hij zal toch niet naar buiten zijn gegaan?’

Ze rennen naar buiten, kijken overal, maar Noek is spoorloos. Aladin loopt naar een hele dikke muur met een hoge dubbele deur.

‘Daar zit hij niet hoor,’ zegt Polleke. ‘Hoe kan hij nou naar binnen gaan. Er zit geen deurkruk op de deur.’

‘Met Noek weet je het nooit,’ antwoordt Pol. ‘Als hij in de buurt is, gebeuren er vreemde dingen.’

‘We gaan er toch binnen kijken,’ zegt Aladin. ‘Dit is de enige plek waar we niet gekeken hebben. Achter de deur is een grot met allemaal kostbaarheden.’ Hij gaat met zijn armen gespreid voor de deur staan en roept: ‘Sesam open u.’

Schrijver van de maand Maart 2019: Lieve van den Berg – workshop

Workshop: Op zoek naar een influisteraar

Locatie: MixHoorn | Hoorn
Schrijfinspirator: Lieve van den Berg
16 maart van 13.00 – 16.00
Entree: € 25,-
Inclusief verhalenbundel “Influisteraar”, koffie/thee en pen & papier.
Reserveren: Via de webshop van Godijn Publishing
Voor meer informatie: info@godijnpublishing.nl

“Op zoek naar een influisteraar.”
Lieve van den Berg publiceerde 29 september haar tweede kinderboek “De lamp, de sneeuwbol en het kompas”. Het is een los te lezen vervolg op haar eerste boek “Reizende Poefjes”. Beide boeken zijn gebaseerd op haar kleinkinderen die haar inspireren met hun fantasie. Zij zijn haar influisteraars.

Wat houdt het in.
Met behulp van schrijfopdrachten gerelateerd aan de verhalenbundel “Influisteraar” gaan de deelnemers korte teksten schrijven, waarbij ze putten uit eigen ervaringen en gebeurtenissen. Zo gaan ze onderzoeken of ze een influisteraar kunnen vinden.
Een influisteraar verschijnt in verschillende gedaanten; letterlijk, figuurlijk, tastbaar, als persoon of juist onzichtbaar.
Het is de bedoeling dat de fantasie gaat stromen, waardoor er een verbinding komt tussen fictie en nonfictie.
Lieve combineert creatief en intuïtief schrijven.

Hoe gaan we te werk.
Tijdens het schrijven is het de bedoeling dat er niet teveel nagedacht wordt, dat er ononderbroken geschreven wordt aan een opdracht en vooral dat de fantasie gaat stromen. Kort en bondig schrijven is de uitdaging.
De teksten lezen ze aan elkaar voor, waarbij ze zoveel mogelijk discussie mijden. Want discussie haalt je uit de schrijfflow. Het luisteren naar het voorlezen van de teksten is een openbaring van hoe het ook anders kan. Dezelfde opdracht, een totaal andere invulling.
Het is gebleken dat een workshop met een boek als inspiratiebron een succes is. De ene deelnemer schrijft poëtisch, de ander is breedsprakig, weer een ander voorzichtig, aarzelend. Alles is goed en door de tekst aan elkaar voor te lezen, inspireer je elkaar waardoor je schrijfproces goed op gang komt met als resultaat mooie teksten. Heel leerzaam. Schrijfervaring is niet belangrijk.
Waar & wanneer
De workshop wordt gegeven:
• 16 maart 2019, zaterdag van 13.00 – 16.00 uur
Adres:
Verlengde Lageweg 19
1628 PM Hoorn
Kosten
De bijdrage voor de workshop bedraagt 25,-, inclusief de verhalenbundel “Influisteraar”, pen & papier en koffie/thee.